Geef beter feedback met deze tips

Geef beter feedback met deze tips

Redactie Baaz

Zowel feedback ontvangen als geven is en blijft een uitdaging, vooral in werksituaties waarin je nauw samenwerkt of hiërarchie een rol speelt. Uit de nieuwste Randstad Workmonitor 2026 blijkt dat er een duidelijke kloof is tussen hoe werkgevers en werknemers de werkvloer beleven: terwijl 96 % van werkgevers vertrouwen heeft in groei in 2026, deelt minder dan de helft (47 %) dat optimisme — wat volgens de onderzoekers kan wijzen op verminderde werktevredenheid, lagere betrokkenheid en minder productiviteit onder werknemers.

Dat gebrek aan gedeeld vertrouwen en aansluiting kan de manier waarop feedback wordt gegeven en ontvangen extra complex maken. Hoe kunnen we feedback geven zodat we elkaar helpen in plaats van belemmeren? Hoe zorgen we voor een meer open werksfeer? Om op een opbouwende manier feedback te geven, hebben wij deze tips voor je.

1. Vraag om een één-op-één moment

‘Mag ik je feedback geven?’ klinkt simpel, maar maakt een groot verschil. Niet iedereen staat op elk moment open voor feedback. Door het gesprek vooraf af te stemmen, voorkom je dat iemand zich overvallen voelt. Je geeft de ander regie over het moment en de setting, waardoor de kans groter is dat de feedback ook echt wordt ontvangen. Zeker in drukke werkomgevingen of bij gevoelige onderwerpen is die toestemming cruciaal.

2. Richt je op gedrag, niet op de persoon

Bij feedback heb je niets aan tips als je het persoonlijk maakt; dan vervalt geliijk alles. Het doel is niet om iemand te beoordelen, maar om gedrag bespreekbaar te maken. Modellen zoals het bekende hamburgermodel kunnen helpen, zolang de kern maar duidelijk blijft. Benoem concreet wat goed ging, geef helder aan wat beter kan en sluit af met vertrouwen in verbetering. Vermijd vage formuleringen of algemene oordelen; die maken feedback onduidelijk en defensief.

3. Wees specifiek en wees op tijd

Hoe langer je wacht met feedback, hoe minder effectief die wordt. Situaties vervagen, details raken verloren en de koppeling met gedrag verdwijnt. Door feedback kort op de gebeurtenis te geven en te onderbouwen met concrete voorbeelden, maak je het voor de ontvanger makkelijker om te begrijpen wat je bedoelt en er iets mee te doen. Dat voorkomt frustratie en misinterpretatie.

4. Zie feedback als een doorlopend proces

Feedback is geen eenmalig gesprek dat je ‘afvinkt’. Het werkt pas echt wanneer je blijft volgen wat ermee gebeurt. Door later terug te komen op gemaakte afspraken of aandachtspunten, laat je zien dat je betrokken bent en meedenkt. Dat kan informeel, bijvoorbeeld in een kort gesprek tussendoor, of juist gepland. Die opvolging maakt duidelijk dat feedback bedoeld is om te helpen, niet om te corrigeren.

5. Vergeet waardering niet

In de praktijk ligt de focus vaak op wat beter moet, terwijl erkenning minstens zo belangrijk is. Door successen en inzet te benoemen, ontstaat er een cultuur waarin feedback niet als bedreigend wordt ervaren. Waardering zorgt voor vertrouwen, en vertrouwen is een voorwaarde om ook kritische feedback te kunnen ontvangen. Teams waarin positieve prestaties zichtbaar worden erkend, zijn aantoonbaar veerkrachtiger en gemotiveerder.

Verbeter je feedback met deze tips

Feedback geven en ontvangen is geen vanzelfsprekendheid, maar een vaardigheid die aandacht vraagt. Wie de tijd neemt om feedback zorgvuldig te formuleren en oprecht te volgen, draagt bij aan persoonlijke ontwikkeling én betere samenwerking. Niet door harder te zijn, maar door duidelijker, menselijker en consequenter te communiceren. Gebruik bij je feedback rondes deze tips en hopelijk spreekt het resultaat boekdelen.

 

Redactie Baaz
Door: Redactie Baaz
Redactie

Redactie Baaz

Redactie