Verhoging BTW-tarief veroorzaakt inflatie

Joël van Vugt
Voor velen komt het niet als een verrassing. De verhoging van het lage btw-tarief van 6 naar 9 procent, gecombineerd met de hogere energieprijzen, heeft gezorgd voor een inflatie van 2,2 procent in januari. Dat is het hoogste cijfer in zes jaar tijd en meer dan het beoogde inflatiecijfer van net onder de twee procent.

De echte cijfers

De reële bijdrage van de verhoging van het btw-tarief blijkt nu echter veel hoger te liggen. Van de 2,2 procent zou maar liefst 1,2 procent op het conto komen van de hogere prijzen in ondermeer de supermarkt en in de boekenwinkel. Op elke honderd euro die consumenten in januari in de supermarkt uitgaven gaat € 2,83 op aan de hogere btw. Ter vergelijking: vorig jaar waren de prijzen in de supermarkt ‘slechts’ 1,2 procent hoger dan een jaar eerder.

Het idee van het kabinet is om de verhoging van het btw-tarief als het ware weer terug te geven door een verlaging van de inkomstenbelasting. Het is echter de vraag of dit voor iedereen goed zal uitpakken. Gepensioneerden en mensen met een uitkering betalen namelijk in verhouding al nauwelijks belasting, en zullen dus minder voordeel halen uit een verlaging van de inkomstenbelasting dan groepen met een hoger inkomen.

Volgens berekeningen van economen van de ING kost de verhoging van het btw-tarief gemiddeld € 300,- per persoon per jaar. Daarbij geldt wel dat hogere inkomens in verhouding iets harder worden geraakt. Vooral aangezien zij meer uitgeven aan kunst en cultuur, zoals theatervoorstellingen, boeken en musea, die ook onder het lage tarief vallen.

Interpretatie

Een hoger inflatiecijfer kan op meerdere manieren geïnterpreteerd worden. Enerzijds zou het moeten leiden tot hogere uitgaven van consumenten, aangezien het sparen van geld een minimaal rendement oplevert. Dit zou de economie verder moet stuwen.

LEES OOK: Waarom belasting de komende jaren een hot item wordt

Spaargeldvermindering

Het probleem is echter dat het ECB-opkoopprogramma nog maar net is afgesloten. Hierdoor staan de rentes, zowel voor lenen als sparen, nog altijd op minimale niveaus. De gemiddelde variabele spaarrente bedraagt 0,35 procent. Dit betekent dat het spaargeld van alle Nederlanders in januari 1,85 procent minder waard is geworden. En dat is niet de eerste keer. Het inflatiecijfer ligt namelijk al jaren hoger dan de spaarrente. In combinatie met het enorm afgenomen consumentenvertrouwen kan dit er ook toe leiden dat mensen juist zuiniger worden met hun uitgaven.

Hogere energieprijzen

Behalve het toegenomen btw-tarief is er nog een schuldige voor het hoge inflatiecijfer. Ook de toegenomen energietarieven zorgen voor flink hogere maandlasten. Gemiddeld betalen we dit jaar 20 procent extra voor elektriciteit en 15 procent extra voor gas. Dit komt onder meer door een andere belastingverhoging: die op energie.