Prinsjesdag, wat verandert er als ondernemer

Sterre Hartjes
De plannen voor 2020 zijn voorgelezen. De miljoenennota bevat maatregelen die gevolgen gaan hebben voor bedrijven en ZZP'ers.

Vennootschapsbelasting daalt minder snel dan gepland

In het regeerakkoord staat dat ondernemers die meer dan € 200.000,- winst maken in 2020 en 2021, belastingverlaging zullen krijgen. Maar dit pakt niet zo goed uit als gepland. Voor kleine bedrijven gaat dit wél omlaag. Bedrijven met een winst tot € 200.000,- betaalden dit jaar nog 19 procent van de belasting. In 2020 wordt dit 16,5 procent en in 2021 daalt het verder naar 15 procent.

Grote bedrijven hebben hier minder geluk mee. Bedrijven met een winstbedrag boven de € 200.000,- zouden dit jaar van 25 procent naar 22,5 procent dalen. Echter, de belasting blijft steken op 25 procent voor het komende jaar. Naar planning zal pas in 2021 het percentage dalen naar 21,5 procent.

Zelfstandigenaftrek gaat omlaag

Ondernemers die onder de inkomstenbelasting vallen, kunnen nu standaard € 7.280,- aftrekken van de te betalen belasting in box 1. Toch wil het kabinet dit stap voor stap verlagen om uiteindelijk in 2028 uit te komen op een zelfstandigenaftrek € 5.000,-.

Vanaf 2020 wordt er elk jaar € 250,- van het totale bedrag afgetrokken. Volgend jaar zal de zelfstandigenaftrek dan € 7.030,- zijn. Eén keer in de komende acht jaar zal er € 280,- van het totaal bedrag worden afgetrokken om op de € 5.000,- uit te komen. Zelfstandigen gaan er tot 2028 grotendeels op vooruit.

LEES OOK: 5 tips voor succesvol netwerken

Werkkostenregeling gaat omhoog

Werkgevers die hun werknemers zaken zoals kerstpakketten, sport abonnementen of laptops willen geven, hebben geluk. De werkkostenregeling gaat omhoog zodat werkgevers dit deels onbelast kunnen vergoeden. Het totale bedrag aan vergoedingen mag nu niet hoger dan 1,2 procent van de loonsom van alle medewerkers zijn. Wanneer dit hoger wordt dan 1,2 procent, dan betalen de werknemers 80 procent belasting over het teveel aan vergoedingen.

Vanaf 2020 gaat dit omhoog naar 1,7 procent. Dit geldt alleen op de eerste € 400.000,- van de loonsom. Voor bedragen boven de € 400.000,- blijft het percentage van 1,2 procent gelden.

Eerst zou bij een loonsom van € 400.000,- een bedrag van € 4.800,- aan de vergoedingen onbelast zijn. In de nieuwe situatie is dat € 6.800,-.