Van bijverdiener naar volwassen ondernemer: de nieuwe fase van zzp’ers in Nederland
Jarenlang werd de groei van het aantal zzp’ers vooral gezien als een optelsom van vrijheid, flexibiliteit en lage drempels. Inmiddels is het beeld aan het kantelen. De zelfstandige zonder personeel is in Nederland niet alleen gebleven, maar ook volwassen geworden. Minder hobby-ondernemerschap, meer serieuze bedrijven. Die ontwikkeling zie je terug in professionalisering én in de manier waarop financiers naar zzp’ers kijken.
Meer stoppende zzp’ers, minder twijfelgevallen
Een paar maanden geleden verscheen op Baaz.nl al een artikel over een sterke stijging van het aantal stoppende zzp’ers. Vooral zelfstandigen zonder duidelijke ondernemersstructuur, met één opdrachtgever of lage marges, trekken de stekker eruit. Oorzaken lopen uiteen: onzekerheid over de Wet DBA, hogere kosten, strengere handhaving en het besef dat zelfstandig ondernemerschap meer vraagt dan alleen vakinhoudelijke kennis.
Die uitstroom is geen toeval en ook geen crisis. Het is selectie. Waar het zzp-schap jarenlang laagdrempelig was, wordt het nu weer explicieter een ondernemerschapskeuze. Deze zzp’ers investeren in hun bedrijf, werken voor meerdere opdrachtgevers en bouwen actief aan continuïteit. Dat maakt hen niet alleen juridisch sterker, maar ook economisch interessanter.
Hogere inkomens, hogere ambities
Die volwassenwording zie je terug in de inkomsten. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) stoppen vooral zzp’ers met lage marges. Hierdoor stijgt het gemiddelde inkomensniveau van de groep die overblijft. Dit zijn ook vooral zzp’ers die meer uren werken en vaker hun uurtarieven verhogen.
Financiers zien ook dat de zzp’ers die nu een lening aanvragen gemiddeld hogere en stabielere inkomens hebben dan enkele jaren geleden. Uit onderzoek blijkt dat het gemiddelde leenbedrag voor zzp’ers is gestegen van ongeveer €19.000 in 2024 naar ruim €29.000 in 2025. Dat is geen toevallige sprong. De zzp’er van nu leent niet meer alleen voor een laptop of bestelbus, maar voor investeert in een elektrische bestelbus of technologie, of schaalt de voorraad op.
Wie vandaag een zzp lening aanvraagt, merkt dat de beoordeling inhoudelijker is geworden. Niet omdat banken terughoudender zijn, maar omdat ze beter willen begrijpen met wie ze zaken doen. Daarbij speelt zelfstandigheid een steeds grotere rol.
Vooruitlopen op mogelijke Vbar-check per half 2026
In gesprekken met financiers duikt steeds vaker de term Vbar-check op. Daarmee wordt vooruitgelopen op de Wet verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties (Vbar), die het grijze gebied rond zelfstandigheid moet verkleinen. In de sector wordt inmiddels gesproken over een informele VBAR-check: een toets waarbij gekeken wordt of iemand écht ondernemer is. Meerdere opdrachtgevers, eigen tarieven, vrijheid in uitvoering en ondernemersrisico zijn doorslaggevend. Financiers willen voorkomen dat klanten in 2026 worden geconfronteerd met naheffingen of boetes wegens schijnzelfstandigheid en daarmee in de problemen komen.
Opvallend is dat kredietverstrekkers hier nu al op voorsorteren. Nog voordat de nieuwe wet bekrachtigd is vragen zij steeds vaker om aanvullend bewijs van ondernemerschap bij leningaanvragen. Niet omdat het moet, maar omdat het logisch is. Niemand heeft er belang bij dat een goedgekeurde lening een jaar later alsnog een risico blijkt.
Professioneler georganiseerd
De zzp’er in Nederland is niet op zijn retour, maar in transitie. Meer professioneel en serieuzer, niet zozeer als het gaat om de producten of diensten, maar wel om de organisatie van de eigen onderneming en de relatie tussen opdrachtgever en uitvoerder. Dit heeft ook invloed op de inkomens en leningen. Wie zijn zaken op orde heeft, profiteert van meer vertrouwen, hogere bedragen en betere voorwaarden bij financieringen. Groei is geen belofte meer, maar een onderbouwde keuze.